In deze paragraaf wordt duidelijk hoeveel subsidie er maximaal per programma beschikbaar is (subsidieplafond). Met het vaststellen van de programmabegroting wordt ook het subsidieplafond vastgesteld. Bij de jaarrekening wordt inzichtelijk gemaakt wat de uitnutting is van het subsidieplafond.
Meer informatie
Op hoofdlijnen
Het subsidieplafond voor 2027 bedraagt € 75.890.000.
Conform artikel 1.5 van de ASV stelt de raad jaarlijks in de begroting het bedrag vast dat maximaal beschikbaar is voor subsidies. In deze begroting is dit subsidieplafond uitgewerkt per programma. De begrotingspostsubsidies zijn nog niet afzonderlijk in deze paragraaf opgenomen. De raad ontvangt hiervoor een separaat voorstel, waarin de betreffende subsidieontvangers en de maximaal te verstrekken bedragen ter vaststelling worden voorgelegd.
Per programma
bedragen x € 1.000 | ||||||
Overstijgende programma's | Collegeprogramma's | Begroting 2027 | Begrotings 2028 | Begroting 2029 | Begroting 2030 | |
Ruimte | Leefomgeving | 32 | 32 | 32 | 32 | |
Mileu en klimaat | 597 | 542 | 542 | 542 | ||
Ruimtelijke ontwikkeling | 144 | 144 | 144 | 144 | ||
Herstructurering en vastgoed | 0 | 0 | 0 | 0 | ||
Economie en internationaal beleid | 1.967 | 1.691 | 1.691 | 1.691 | ||
Kunst en cultuur | 15.570 | 15.898 | 15.907 | 15.374 | ||
Energietransitie | 0 | 0 | 0 | 0 | ||
Samenleving | Inkomensvoorziening en arbeidsmarkt | 2.363 | 2.374 | 2.187 | 2.154 | |
Meedoen | 41.038 | 41.846 | 41.582 | 41.544 | ||
Jeugd en onderwijs | 13.941 | 13.840 | 13.870 | 13.870 | ||
Openbare orde en veiligheid | 0 | 0 | 0 | 0 | ||
Publieke dienstverlening | Burger en bestuur | 236 | 236 | 236 | 236 | |
Algemene middelen | Algemene dekkingsmiddelen | 4 | 4 | 4 | 4 | |
Bedrijfsvoering | 0 | 0 | 0 | 0 | ||
Totaal | 75.890 | 76.606 | 76.194 | 75.590 | ||
De gemeente voert gedurende de gesubsidieerde periode gesprekken met organisaties over de voortgang van het project en of activiteiten. Tijdens deze gesprekken komen ook knelpunten en ontwikkelingen ter sprake die mogelijk een gevolg hebben voor de financiële positie of uitvoering van de afgesproken prestaties. In dit onderdeel worden deze knelpunten en ontwikkelingen op hoofdlijnen weergegeven.
Algemeen
Voor 2027 wordt voor het merendeel van de subsidieontvangers uitgegaan van voortzetting van de subsidie op het niveau van 2026, aangevuld met de gemeentelijke indexatie van 2,7%. Op basis van de huidige inzichten worden geen grote wijzigingen in de bestaande subsidierelaties verwacht.
Tegelijkertijd nemen de financiële uitdagingen binnen het subsidieveld toe. Organisaties worden geconfronteerd met stijgende loonkosten als gevolg van cao-ontwikkelingen, hogere huisvestingslasten, toenemende overheadkosten en gestegen prijzen voor energie en onderhoud. Daarnaast is bij diverse organisaties sprake van een groeiende vraag naar dienstverlening en ondersteuning.
De signalen uit het veld laten zien dat de gemeentelijke indexatie niet in alle gevallen voldoende is om deze kostenontwikkelingen volledig op te vangen. Verschillende subsidieontvangers geven aan dat de gemeentelijke indexatie de afgelopen jaren achterblijft bij de werkelijke kostenstijgingen waarmee zij worden geconfronteerd. Met name de ontwikkeling van cao-lonen, huur- en energielasten zorgt ervoor dat de kosten sneller stijgen dan de beschikbare subsidie. Hierdoor ontstaan bij verschillende organisaties structurele tekorten of bestaat het risico dat dergelijke tekorten zich de komende jaren gaan voordoen.
Enkele organisaties hebben aangegeven dat zij als gevolg hiervan reeds prestaties hebben moeten bijstellen of verwachten dit in de toekomst te moeten doen. De financiële ruimte om kostenstijgingen intern op te vangen wordt steeds kleiner, waardoor keuzes gemaakt moeten worden ten aanzien van activiteiten, personele inzet of andere uitgaven. Hoewel organisaties proberen aanvullende inkomsten te genereren, bijvoorbeeld door commerciële activiteiten of het aantrekken van externe subsidies, blijken deze mogelijkheden veelal beperkt en onzeker.
Daarnaast spelen bij enkele subsidieontvangers specifieke vraagstukken rondom huisvesting, investeringen in digitalisering en de continuïteit van externe financieringsbronnen. Ook wordt gewezen op de kwetsbaarheid van exploitatiebegrotingen wanneer tegenvallende inkomsten of onverwachte kosten zich voordoen, waardoor in voorkomende gevallen aanspraak moet worden gemaakt op het eigen vermogen.
Samenvatting
Samenvattend is het beeld dat de bestaande subsidierelaties in 2027 grotendeels kunnen worden voortgezet binnen de huidige begrotingskaders. Tegelijkertijd bestaat breed het signaal dat de gemeentelijke indexatie onvoldoende aansluit bij de feitelijke kostenontwikkelingen binnen het subsidieveld. Hierdoor neemt de financi??le druk op organisaties toe en ontstaat het risico dat prestaties, activiteiten of personele capaciteit op termijn moeten worden teruggebracht. De gevolgen van kostenstijgingen, indexatieverschillen en een toenemende vraag naar ondersteuning zullen daarom de komende jaren nadrukkelijk aandacht vragen bij de verdere begrotingsafwegingen.

