Waarom verduurzaming nodig is
Om verdere opwarming van de aarde tegen te gaan, moeten we wereldwijd, landelijk én lokaal overstappen op duurzamere energie. Dat betekent dat we minder fossiele brandstoffen gebruiken, zoals aardgas, olie en kolen, en meer energie halen uit duurzame bronnen.
De energietransitie verandert voortdurend. De afgelopen jaren hebben hoge energieprijzen, een vol elektriciteitsnet en nieuwe wetgeving veel invloed gehad. Dat zorgt voor uitdagingen, maar biedt ook kansen om in Deventer sneller te werken aan een nieuw energiesysteem.
De Deventer Energievisie en de Ontwerp-Omgevingsvisie 2040 geven hiervoor de lokale richting. De gemeenteraad heeft hierin vastgelegd wat Deventer wil bereiken: een duurzame stad voor de toekomst. Om klimaatverandering te beperken, moeten we onze CO2-uitstoot verminderen.

Daarom is het doel om in 2030 ten minste 55% minder CO2 uit te stoten dan in 1990. In 2050 willen we klimaatneutraal zijn. Dat betekent dat onze activiteiten dan per saldo niet meer bijdragen aan de opwarming van de aarde en we dan dus niet meer CO2 uitstoten dan de natuur of andere oplossingen kunnen opnemen.

Minder energie gebruiken is daarbij een belangrijke eerste stap. Want energie die we niet gebruiken, hoeven we ook niet op te wekken. Daarom stimuleren we slimme oplossingen, zoals het isoleren van woningen, efficiëntere bedrijfsprocessen en het verminderen van afval en niet-herbruikbare materialen.

De energietransitie in Deventer heeft drie hoofddoelen. We werken aan een energiesysteem dat duurzaam, rechtvaardig en robuust is. Dat betekent in het kort:

  • Duurzaam: we verminderen onze uitstoot en werken toe naar klimaatneutraliteit in 2050.
  • Rechtvaardig: energie is nodig voor iedereen. Daarom moet energie betaalbaar blijven voor inwoners. De energietransitie raakt de hele samenleving. De voordelen moeten daarom zoveel mogelijk bij iedereen terechtkomen. Ook de kosten moeten eerlijk worden verdeeld.
  • Robuust: we werken aan een sterk en betrouwbaar energiesysteem. Energie moet beschikbaar blijven, ook als de vraag groot is, bijvoorbeeld tijdens koude periodes. Tegelijkertijd kunnen energieprijzen sterk veranderen en raakt het elektriciteitsnet steeds voller. Daarom zorgen we voor een energiesysteem dat beter voorbereid is op de toekomst.

Lokaal energiesysteem van de toekomst
Voor de toekomst van Deventer is een goed lokaal energiesysteem belangrijk. Daarmee stemmen we de vraag naar duurzame energie en het aanbod ervan beter op elkaar af. Zo houden we energie betrouwbaar, betaalbaar en efficiënt. Ook zorgen we ervoor dat energievoorziening, ruimtelijke ontwikkeling en economische groei met elkaar in balans blijven.
We werken aan een energiesysteem dat duurzaam, sterk en eerlijk is. Dat betekent dat we zuinig omgaan met energie en niet meer gebruiken dan nodig is. Ook zorgen we ervoor dat het gebruik van energie en de opwek van energie beter op elkaar aansluiten. Een deel van de energie die we nodig hebben, wekken we lokaal en duurzaam op.
De huidige regionale afspraken over duurzame energie zijn nog niet genoeg om in 2050 klimaatneutraal te zijn. Daarom onderzoeken we wat er extra nodig is en wat haalbaar is. Daarbij letten we ook op een eerlijke verdeling van de voordelen en nadelen van de energietransitie.
We onderzoeken welke duurzame energiebronnen we lokaal kunnen gebruiken als alternatief voor aardgas, olie en kolen. We ondersteunen daarbij lokale initiatieven voor bijvoorbeeld windenergie, zonne-energie, biogas en groengas. Zo werken we toe naar het RES-doel (Regionale Energiestrategie): in 2030 212 GWh duurzame elektriciteit opwekken.
Voor energieproductie in het buitengebied kijken we goed naar het landschap, bestaande functies en goede landbouwgrond. Agrariërs kunnen hierbij ook een rol spelen, bijvoorbeeld met windenergie, zonnepanelen op daken, biogas, groengas of biobased bouwmaterialen. Daarnaast stimuleren we zonne-energie op grote daken van bedrijven en organisaties en solar carports, als dit past binnen het energiesysteem.

Overstap op duurzame energiebronnen in de gebouwde omgeving
Ook de energievoorziening van woningen en gebouwen verandert. We gebruiken nu nog veelal aardgas voor verwarming en warm water. Dat zorgt voor veel CO2-uitstoot. Daarom stappen we stap voor stap over op duurzame warmtebronnen, zoals duurzame warmtenetten, warmtepompen en hybride oplossingen.
Deze overstap is een grote opgave. Per wijk of gebied bekijken we welke oplossing het beste past. Een belangrijk voorbeeld is het Slim Warmtenet Zandweerd. Dit warmtenet kan ongeveer 2.200 woningen van duurzame warmte voorzien. De warmtetransitie heeft grote  gevolgen voor het elektriciteitsnet. Daar ligt een grote uitdaging voor de komende jaren.

Deventer werkt hiervoor in 2026 aan een Warmteprogramma 2026-2035 en breidt dat in 2027 uit naar een programma Energie en Warmte.  Het programma helpt om lokale klimaatdoelen te halen en sluit aan bij landelijke afspraken over de energietransitie.

Verduurzaming industrie en bedrijven
Bedrijven en industrie in Deventer moeten ook verduurzamen. Dat geldt voor bedrijventerreinen als geheel, maar ook voor afzonderlijke bedrijven. Zij krijgen te maken met een voller elektriciteitsnet, de overstap naar schonere logistiek en duurzamere gebouwen en bedrijfsprocessen. Daarom is goede samenwerking nodig tussen bedrijven, gemeente, netbeheerders en andere partners. Zo houden we Deventer aantrekkelijk als plek om te ondernemen. Samen met het DEB stimuleren we bedrijven om duurzamer en slimmer energie te gebruiken. En we zetten in op extra handhaving van de energiebesparingsplicht met de Omgevingsdienst IJsselland.  De specifieke aanpak van netcongestie staat in bij het onderdeel Netcongestie.

Reductie uitstoot mobiliteit en logistiek
Mobiliteit en logistiek veroorzaken een groot deel van de CO2-uitstoot in Deventer. In 2023 ging het om 35% van de totale uitstoot. Meer dan de helft daarvan komt door verkeer op de snelweg. Daar heeft de gemeente weinig invloed op, omdat het Rijk verantwoordelijk is voor snelwegen. Deventer kan wel invloed uitoefenen op verkeer binnen de bebouwde kom en op buitenwegen. Daarom richt de gemeente zich vooral op duurzame mobiliteit binnen de eigen invloedssfeer.
De klimaatbijdrage van mobiliteit richten we op minder uitstoot, voldoende laadinfrastructuur en invoering van de nul-emissiezone. De bredere mobiliteitsaanpak staat in onderdeel Mobiliteit.

Circulariteit
Met circulariteit werkt Deventer aan een toekomst waarin we minder nieuwe grondstoffen gebruiken en materialen langer, slimmer en opnieuw gebruiken. Dat maakt ons minder afhankelijk van grondstoffen van buitenaf, het helpt bedrijven om minder kwetsbaar te zijn voor schaarste en internationale ontwikkelingen en het verlaagt de CO2 uitstoot. Circulariteit biedt ook kansen voor innovatie, werkgelegenheid en een sterkere lokale economie.
Deventer werkt toe naar 50% minder gebruik van primaire grondstoffen in 2030. Het gaat daarbij om mineralen, metalen en fossiele grondstoffen. In 2050 wil Deventer volledig circulair zijn. Dat betekent dat we zo veel mogelijk materialen hergebruiken, biobased materialen gebruiken en producten langer laten meegaan. Ook minder kopen of minder gebruiken helpt om grondstoffen te besparen.

De gemeente geeft hierin zelf het goede voorbeeld. Zij werkt circulair bij haar eigen gebouwen, wegen, openbare ruimte, materialen en inkopen. Dat betekent dat materialen zo veel mogelijk opnieuw worden gebruikt en dat er zo weinig mogelijk afval ontstaat. Ook maakt de gemeente duidelijke afspraken en regels voor circulair bouwen. Door samen te werken met bedrijven en bouwende en ontwikkelende partners wordt circulair bouwen makkelijker. Daarnaast helpt en stimuleert de gemeente inwoners, organisaties en bedrijven om circulaire keuzes te maken bij kopen, verkopen, gebruiken en verwerken. Het doel is vooral om te voorkomen dat producten afval worden. Het verwerken van afval staat vooral in het Grondstoffenplan. Om deze aanpak verder uit te werken, start Deventer in 2027 met een thematisch Omgevingsprogramma Circulariteit.

Biodiversiteit
De gemeente Deventer wil de natuur in de gemeente behouden en versterken. Het Biodiversiteitsplan 2025-2035 is hiervoor de basis. Daarin staan natuurherstel, meer groen en betere verbindingen tussen natuurgebieden centraal. Biodiversiteit hangt ook samen met andere onderwerpen, zoals klimaat, water, gezondheid en ruimtelijke ontwikkeling.
De komende jaren werken we aan een sterk en samenhangend netwerk van groen en water. Dat doen we in de stad, in de dorpen en in het buitengebied. We stimuleren bouwen met aandacht voor natuur. Ook nemen we maatregelen voor biodiversiteit mee in het beheer van de openbare ruimte. Zo verbeteren we leefgebieden voor planten en dieren.
We werken hierbij samen met inwoners, bedrijven, maatschappelijke organisaties en agrariërs. Via natuur- en milieueducatie en het partnerschap met de Ulebelt/Duurzaamheidscentrum vergroten we kennis en bewustwording over natuur, biodiversiteit en duurzaam gedrag. Zo zorgen we samen voor een groene, gezonde en klimaatbestendige gemeente. Daarmee beschermen en versterken we de natuur, nu en voor de toekomst.

Milieu
Het doel van de huidige milieuregelgeving is het terugdringen van de milieugevolgen, met name op het gebied van geluid, luchtkwaliteit, geuroverlast, bodemverontreiniging en energiegebruik. Vaak is deze bescherming nog sectoraal, maar we werken toe naar een steeds meer integrale bescherming, die vanaf 1 januari 2024 wettelijk is vastgelegd in de Omgevingswet. Het begrip omgevingswaarde speelt een belangrijke rol in de Omgevingswet en is doorvertaald in de Omgevingsvisie. De vastgestelde Omgevingsvisie zet in op ambitieus milieubeleid. Een vertaling hiervan moet plaatsvinden in een Omgevingsprogramma Milieu en Gezondheid en in planregels in het Omgevingsplan. Landelijke milieuregelgeving wordt daarmee lokale milieuregelgeving. Dit geeft de mogelijkheid om te werken met verschillende ambitieniveaus. Daarin werken we in ieder geval aan het terugdringen van geluidsoverlast, schone lucht en bodem, en een veilige leefomgeving voor iedereen.

Doelstelling

Deventer heeft in 2050 het lokaal energiesysteem van de toekomst.

Wat gaan we doen in 2027?

-

Eind 2027 is duidelijk hoe het energiesysteem van Deventer er in 2050 uit kan zien. Daarbij is ook bekend welke mix van energiebronnen nodig is, welke rol energieopslag speelt en wat dit betekent voor verschillende gebieden in de gemeente.

-

Eind 2027 heeft de gemeenteraad richting gegeven aan de productie van duurzame elektriciteit richting 2040.

-

In 2026 en 2027 ondersteunt de gemeente lokale energie-initiatieven met subsidie, financiering of andere hulp. Het gaat bijvoorbeeld om initiatieven voor zonne-energie, windenergie, groengas, energieopslag, zelflevering of energiedelen.

-

Uiterlijk eind 2027 zijn pilots gestart of mogelijk gemaakt door de gemeente Deventer voor nieuwe oplossingen in het energiesysteem. Denk aan buurtbatterijen, energie delen, zelflevering en het slim gebruiken van elektrische voertuigen als tijdelijke opslag.

-

Eind 2027 zijn belangrijke projecten voor duurzame energie verder ontwikkeld of gerealiseerd. Voorbeelden zijn bestaande zonnevelden, Windpark A1, solar carports en de groengashub in Bathmen.

Doelstelling

Deventer stapt over op duurzame energiebronnen.

Wat gaan we doen in 2027?

-

In 2027 breiden we het warmte programma uit tot een programma Energie en Warmte.

-

In 2027 is duidelijk hoe Deventer de organisatie van warmtenetten wil regelen. Daarbij horen onder meer de kavelstrategie en de mogelijke oprichting van een publiek gemeentelijk warmtebedrijf.

-

In 2027 is het Slim Warmtenet Zandweerd verder ontwikkeld. De aansluiting op de rioolwaterzuivering is gerealiseerd en de eerste warmtecentrales  in bedrijf.

-

In 2026 en 2027 worden jaarlijks 1.150 subsidieaanvragen voor Deventer Isoleert toegekend. Ook krijgen inwoners met risico op energiearmoede extra hulp bij het verduurzamen van hun woning.

-

De bestaande warmteplannen worden uitgevoerd en waar nodig aangepast. Daarnaast start de gemeente met gebiedsgerichte warmteplannen in onder meer Rivierenbuurt, Oranjekwartier, Tuindorp, Colmschate, Borgele en Platvoet.

-

Eind 2027 is gestart met de verduurzaming van vijf gemeentelijke gebouwen en voorzieningen, zoals pompen en gemalen.

Doelstelling

Deventer heeft duurzame bedrijven en industrie.

Wat gaan we doen in 2027?

-

In 2026 en 2027 helpt de gemeente bij de verdere ontwikkeling van het lokale waterstofnetwerk GROHW. De gemeente verbindt bedrijven die waterstof willen gebruiken met partijen die waterstof kunnen leveren.

-

In 2027 lopen op minimaal vier bedrijventerreinen gezamenlijke verduurzamingsprojecten. Denk aan Smart Energy Hubs, zonnepanelen op daken, laadpleinen of waterstofprojecten. Minimaal 50 bedrijven doen hier actief aan mee.

-

Eind 2027 is voor belangrijke bedrijventerreinen in beeld hoeveel energie beschikbaar is, waar knelpunten zitten en welke oplossingen nodig zijn. Daarbij kijken we ook naar laadpleinen voor zwaar vervoer en snellaadpunten.

Doelstelling

Deventer kent in 2030 (ten opzichte van 1990) een reductie van 55% in de CO2 uitstoot veroorzaakt door mobiliteit

Wat gaan we doen in 2027?

-

We verminderen de uitstoot van verkeer en vervoer binnen de gemeentelijke invloedssfeer. Daarbij stimuleren we inwoners en bedrijven om vaker te kiezen voor duurzame manieren van reizen: eerst lopen, dan fietsen, daarna openbaar vervoer of deelmobiliteit, en pas als laatste de eigen auto.

-

Deventer zorgt voor voldoende laadpunten voor elektrische voertuigen. Deze laadpunten moeten passen bij de groeiende vraag en helpen om vervoer schoner te maken, de luchtkwaliteit te verbeteren en de CO2-uitstoot te verminderen.

-

De ‘nul-emissiezone’ voor bestel en vrachtvoertuigen wordt vanaf 31 december 2027 ingevoerd. Dat draagt bij aan CO2 reductie en aan een betere luchtkwaliteit.

Doelstelling

Deventer is in 2050 volledig circulair in de openbare ruimte, bij bouwen, goederen, afval en grondstoffen.

Wat gaan we doen in 2027?

-

Hanteren van circulaire ontwerpprincipes bij de aanleg, vernieuwing en onderhoud van de openbare ruimte.

-

Hanteren van circulaire strategieën bij gebiedsontwikkeling en bij het ontwerp, bouwen, vernieuwing, onderhoud en sloop van gebouwen.

-

Heldere kaders en afspraken voor circulair bouwen en circulair bouwen voor iedereen

-

Onderzoek naar én het opstellen van een businesscase voor een materialendepot (fysieke en online) voor opslag van materialen inclusief implementatieplan.

-

Formuleren aanpak circulaire scholenbouw voor de renovatie, transformatie en sloop/nieuwbouw van onze scholen.

-

Realiseren van de Vezelvallei. Samen met partners doen we een haalbaarheidsonderzoek.

-

We stimuleren inwoners om goederen vaker her te gebruiken, te delen of repareren en minder weg te gooien. Dit doen we onder andere door bewustzijn te vergroten.

-

We stimuleren inwoners en bedrijven om minder voedsel te verspillen. Dat doen we door bewustwordingscampagnes en de verspillingsvrije week.

Doelstelling

Natuur in Deventer behouden en versterken.

Wat gaan we doen in 2027?

-

We versterken het netwerk van groen en water in de stad, de dorpen en het buitengebied.

-

We zorgen voor betere verbindingen tussen natuurgebieden. Zo ontstaat een sterker leefgebied voor planten en dieren.

-

Bij nieuwe plannen en bij het beheer van de openbare ruimte houden we meer rekening met biodiversiteit.

-

We stimuleren bouwen en ontwikkelen met aandacht voor natuur, bijvoorbeeld door ruimte te maken voor groen, water en dieren.

-

We betrekken inwoners, bedrijven, organisaties en agrariërs actief bij het versterken van natuur en biodiversiteit.

-

We beschermen bestaande natuur en herstellen of ontwikkelen natuur waar dat mogelijk is.

Doelstelling

We beschermen gezondheid en leefomgeving door milieubelasting te verminderen en dit te borgen in het Omgevingsprogramma Milieu en Gezondheid en het Omgevingsplan.

Wat gaan we doen in 2027?

-

Jaarlijkse bijdrage en rapportage in het kader van schone lucht akkoord. Waaronder verkennen van ondertekening convenant Schoon en Emissieloos Bouwen

-

Vertalen van de ‘bruidsschat’ en ambities uit de Omgevingsvisie in planregels in het Omgevingsplan.

-

Opstellen van het thematisch Omgevingsprogramma Milieu en Gezondheid met daarin onder andere aandacht voor PFAS bodem.